512 Hoe lees ik een etiket van wat ik koop?

Wanneer u met iets vermoeiends bezig bent wat boodschappen doen heet dan kunt u een schat aan informatie lezen op de etiketten van al dat lekkers wat u koopt. Wat moet erop staan en wat hoeft er niet op te staan en nog leuker is wat de fabrikant verzwijgt.

Een voedingsmiddelenfabrikant informeert zijn klanten op dezelfde manier als een doorsnee politicus ‘zijn onderdanen’ informeert. ‘Je moet wel de waarheid vertellen maar je hoeft niet alles te vertellen.’ De Warenwet zorgt ervoor dat de fabrikant dat wel uit zijn hoofd laat om iets onwaars op het etiket te zetten. Het zou een mooie boel worden als er een inhoud van 1000 gram vermeld wordt op iets wat beduidend lichter van gewicht blijkt te zijn. Zo loopt de fabrikant in eerste instantie binnen maar de VWA later in nog veel grotere mate. De boetes zijn aardig pittig. Het strafbare feit is dusdanig ernstig dat de overtreding niet met een simpele acceptgirokaart afgedaan kan worden. De fabrikant wordt voor de rechter gesleept wegens een economisch delict en de directeur krijgt een heus strafblad.

Een etiket bestaat grofweg uit vier onderdelen.

De komende vier weken zullen wij een onderwerp behandelen.

  1. De gewichtsaanduiding
  2. De ingrediënten declaratie
  3. De claim van het product
  4. De allergie wegwijzer

 

1. Het gewicht dat op het etiket staat

Het doel is even simpel als duidelijk. Wat op het etiket staat als gewicht, moet ook in de verpakking zitten. Er is echter een grote grap met de gewichtsaanduiding. De fabrikant mag in ruil voor een nauwkeurige vulling met een gemiddeld gewicht afvullen. Voorheen was dat met het minimum gewicht. Wat betekent dit nou precies? Vroeger was het vermelde gewicht gewoon een netto gewicht. Vaak stond het ook als zodanig op de verpakking. Bij geïmporteerde producten kunt u deze gewichtsaanduiding nog steeds op de verpakking aantreffen. Bij de vermelding van het netto gewicht moet 100% van de verpakkingen het vermelde gewicht bevatten. Hierdoor is de producent genoodzaakt om meer af te vullen dan op het etiket vermeld staat. Immers, er mag geen verpakking lichter zijn. In de regel werd zodanig afgevuld dat 95% van de verpakkingen meer bevatte dan het etiketgewicht. Het gemiddelde gewicht van zo’n partij lag altijd hoger dan het etiketgewicht. De geconstateerde ondergewichten waren altijd reden voor pittige discussies met de autoriteiten. Hoeveel ondergewicht is nog acceptabel? Wat is een toevallige fout en wat is structureel ondergewicht etc.

De overheid heeft hoervoor het hoeveelheden aanduidingen besluit bedacht. Dat is het beroemde e-teken dat u voor de gewichtsaanduiding op het etiket kunt aantreffen. Dit e-tje betekent dat de fabrikant met een gemiddeld gewicht kan afvullen mits hij binnen zekere nauwkeurigheidsgrenzen blijft. De gewichtsonderschrijdingen mogen wel aanwezig zijn mits het gemiddelde gewicht van de partij tenminste even groot is dan het etiket gewicht. (Nominaal gewicht zegt de wetgever.) Dit wordt royaal beloond. In de praktijk komt het erop neer dat de fabrikant zo’n 3 tot 6% minder hoeft af te vullen, mits de afvulapparatuur nauwkeurig genoeg is.

De eisen voor het e- teken zijn kort samengevat:

Het partijgemiddelde moet tenminste gelijk zijn aan het nominale gewicht (etiketgewicht).

Maximaal 2,5% van de verpakkingen mogen een beperkt ondergewicht hebben. Hiervoor zijn grenzen vastgelegd. Deze grens wordt de T01 grens genoemd.

Er mag geen enkele verpakking lichter zijn dan tweemaal de toegestane afwijking, kortweg T02 genaamd.

Vanaf 10gram tot 10.000grams verpakkingen mogen het e-teken voeren.

Het e-tje moet aan nauwkeurig omschreven typografische eisen voldoen.

 

Dat het e-teken veel geld oplevert moge duidelijk zijn. Vrijwel iedere producent heeft deze erkenning aangevraagd. Zelf de appels die in een 1,5kg zak zijn afgevuld zijn met een verbazingwekkende precisie gewogen lijkt het wel.

 

Neemt u maar de proef op de som, u krijgt geen gram teveel!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *